Werken als veetransportchauffeur: hoe is het om levende dieren te vervoeren?

Blog

Als veetransportchauffeur vervoer je levende dieren, zoals runderen, varkens, schapen, geiten of paarden. Sommige chauffeurs zijn gespecialiseerd in pluimvee. Dat valt officieel niet onder vee, maar het werk heeft wel hetzelfde belangrijke uitgangspunt: de dieren moeten veilig en zo rustig mogelijk op hun bestemming aankomen. In vacatures kom je verschillende namen tegen. Denk aan chauffeur veetransport, vee­chauffeur, dierentransportchauffeur of chauffeur vee- en pluimveevervoer. Welke naam er ook boven de vacature staat: dit is geen baan waarin je alleen achter het stuur zit. Lees snel verder om hier meer over te weten.

Wat doet een veetransportchauffeur?

Een veetransportchauffeur brengt dieren van de ene naar de andere locatie. Je rijdt bijvoorbeeld tussen boerderijen, fokbedrijven, verzamelplaatsen, stallen en slachterijen. Welke ritten je maakt, hangt af van het bedrijf waarvoor je werkt en de dieren waarin het gespecialiseerd is.

Je werk bestaat meestal uit:

  • de veewagen en documenten controleren;
  • dieren rustig en veilig laden;
  • onderweg letten op temperatuur, ventilatie en reistijd;
  • beheerst rijden;
  • helpen bij het lossen;
  • Eventueel de wagen reinigen en ontsmetten.

Je bent dus niet alleen verantwoordelijk voor de vrachtwagen. Vanaf het laden tot en met het lossen houd je ook in de gaten hoe het met de dieren gaat.

Hoe ziet een werkdag eruit?

Je dag kan vroeg beginnen. Soms vertrek je al voordat de meesten van ons wakker zijn. Je bekijkt de planning, controleert welke dieren je ophaalt en zorgt dat de wagen klaarstaat.

Bij aankomst op (bijvoorbeeld) een boerderij of verzamelplaats stem je af hoe het laden gaat verlopen. Je zet kleppen, hekken en afscheidingen op de juiste manier klaar. Daarna worden de dieren in groepen naar binnen gebracht.

Hier merk je direct wat dit werk anders maakt. Een pallet blijft staan waar je hem neerzet. Een dier kan schrikken, omdraaien of weigeren verder te lopen. Je moet daarom rustig blijven en goed kijken wat er gebeurt.

Na het laden controleer je of de dieren voldoende ruimte hebben en goed over de wagen zijn verdeeld. Daarna begint de rit. Op de bestemming help je bij het lossen. Is de wagen leeg? Dan ben je nog niet klaar. De laadruimte moet worden gereinigd en waar nodig ontsmet.

Laden en lossen vraagt om gevoel voor dieren

Ervaring met dieren is een groot voordeel. Je leert sneller herkennen wanneer een dier bang, onrustig of moeilijk te sturen is. Ook zie je eerder wanneer een dier mogelijk niet fit genoeg is voor de rit.

Dat betekent niet dat je als ‘boerenzoon’ of ‘boerendochter’ moet zijn opgegroeid. Want: veel is te leren. Een goede inwerkperiode is daarbij wel belangrijk.

Ook de mensen op een laadlocatie kunnen haast hebben. Toch moet jij blijven opletten. Zie je dat een dier gewond is of moeilijk kan lopen? Dan kun je niet doen alsof je het niet hebt gezien. Soms moet je overleggen of aangeven dat een situatie zo niet verantwoord is.

Juist daarin zit een belangrijk deel van je vakmanschap: je weet wanneer je kunt doorwerken en wanneer je juist moet vertragen.

Hoe rijd je met vee in de wagen?

Met levende dieren achter je rijd je zo gelijkmatig mogelijk. Veel dieren staan onderweg. Bij hard remmen, snel optrekken of een scherpe bocht moeten zij moeite doen om hun evenwicht te bewaren.

Daarom kijk je ver vooruit, houd je voldoende afstand en rem je op tijd. Je probeert onverwachte stuurbewegingen te voorkomen. Een rustige rijstijl is hier niet alleen prettig. Het verkleint ook de kans dat dieren vallen of elkaar verwonden.

Je moet bovendien rekening houden met het gewicht en de beweging in de wagen. Een volle veewagen kan anders reageren dan een lege oplegger. Zeker op rotondes, in bochten en bij plotseling remmen voel je dat verschil.

Ben jij iemand die graag soepel rijdt en weinig hoeft te corrigeren? Dan sluit deze functie waarschijnlijk beter bij je aan dan wanneer je snel ongeduldig wordt in het verkeer.

Waar let je onderweg op?

Tijdens de rit let je niet alleen op de weg. Ook de omstandigheden in de veewagen zijn belangrijk. Denk aan:

  • de temperatuur en ventilatie;
  • geluiden of onverwachte onrust uit de wagen;
  • de duur van de reis;
  • files en wachttijden;
  • afspraken over het welzijn van de dieren.

De regels verschillen per diersoort, afstand en reisduur. Op warme dagen vraagt de temperatuur extra aandacht. Bij een lange file kunnen de omstandigheden in de wagen veranderen. Je kunt verloren tijd dan niet zomaar goedmaken door harder te rijden.

Je neemt contact op met de planning en bespreekt wat haalbaar en verantwoord is. Daar merk je ook hoe goed een werkgever het werk heeft georganiseerd. Een goede planner kijkt niet alleen naar de aankomsttijd, maar begrijpt dat er levende dieren in de wagen staan.

Schoonmaken hoort erbij

Na het lossen moet de veewagen goed worden schoongemaakt. Dat helpt voorkomen dat ziektekiemen van het ene bedrijf naar het andere worden meegenomen.

Dit is niet even snel de laadruimte uitvegen. Je werkt met water, reinigingsmiddelen en ontsmettingsmiddelen. Afhankelijk van de rit kun je een tijd bezig zijn. Het werk kan hierbij nat, minder hygiënisch en lichamelijk zwaar zijn.

Wie vooral wil rijden en het liefst zo min mogelijk buiten de cabine komt, kan dit onderdeel onderschatten. Als veetransportchauffeur horen laden, controleren en schoonmaken vaak gewoon bij je werkdag.

Is werken als veetransportchauffeur zwaar?

Lichamelijk ben je regelmatig bezig. Je stapt vaak in en uit, werkt met hekken en laadkleppen en maakt de wagen schoon. Dat gebeurt ook wanneer het koud is, regent of juist erg warm is.

Mentaal draagt het werk eveneens gewicht. Je bent verantwoordelijk voor levende dieren. Niet iedere rit verloopt rustig en niet ieder dier is even makkelijk te verplaatsen. Je moet kalm kunnen blijven wanneer de planning uitloopt of een dier zich anders gedraagt dan verwacht.

Voor sommige type chauffeurs is dat precies wat het werk aantrekkelijk maakt. Je bent niet alleen kilometers aan het maken. Jouw rijstijl en manier van werken hebben direct invloed op hoe de dieren de rit doorstaan.

Maar wees ook eerlijk tegenover jezelf. Vind je het vervelend om dieren naar bepaalde bestemmingen te vervoeren? Of neem je onrust na je werk gemakkelijk mee naar huis? Dan is het verstandig daar vooraf goed over na te denken.

Welke werktijden kun je verwachten?

De werktijden verschillen sterk per werkgever. Er zijn regionale ritten waarbij je iedere dag thuiskomt, maar ook langere nationale of internationale transporten. Vroeg beginnen en onregelmatige dagen komen vaak voor.

Vraag daarom bij een vacature altijd:

  • Welke dieren vervoer ik?
  • Hoe vroeg begin ik meestal?
  • Ben ik iedere avond thuis?
  • Hoeveel laad- en loswerk doe ik zelf?
  • Moet ik de wagen zelf reinigen?
  • Krijg ik vaste ritten of wisselt mijn planning?

De functienaam vertelt je namelijk niet hoe jouw werkweek er precies uitziet.

Wat heb je nodig om veetransport chauffeur te worden?

Voor de meeste banen heb je een rijbewijs C of CE, Code 95 en een bestuurderskaart nodig. Voor beroepsmatig vervoer van onder andere runderen, varkens, schapen, geiten, paarden en pluimvee is bij ritten vanaf 65 kilometer ook een geldig getuigschrift van vakbekwaamheid nodig. Voor vee en pluimvee bestaan aparte getuigschriften. Deze zijn vijf jaar geldig.

Bij transporten langer dan acht uur gelden extra eisen voor onder andere de vergunning, het voertuig en de reisplanning. De officiële voorwaarden staan op Ondernemersplein en bij de NVWA.

Heb je het juiste certificaat nog niet? Vraag dan bij een vacature of de werkgever je kan helpen met de opleiding en het examen.

Past het vervoer van levende dieren bij jou?

Werken als veetransportchauffeur past waarschijnlijk bij je als je:

  • rustig en beheerst rijdt;
  • geduldig met dieren omgaat;
  • verantwoordelijkheid durft te nemen;
  • geen probleem hebt met vies of lichamelijk werk;
  • ook onder tijdsdruk zorgvuldig blijft;
  • openstaat voor vroege en wisselende werktijden.

Zoek je vooral een baan waarin je veel kilometers maakt en weinig met de lading hoeft te doen? Dan past een andere chauffeursfunctie waarschijnlijk beter. Dat is geen oordeel. Veetransport vraagt gewoon om een bepaald soort chauffeur.

Werken als veetransportchauffeur via Flex-in

Wil je aan de slag als veetransport chauffeur? Dan wil je vooraf weten waar je aan toe bent. Welke dieren vervoer je? Hoe ziet je werkweek eruit? Hoe word je ingewerkt en welke certificaten heb je nodig? Flex-in kijkt daarom verder dan alleen je rijbewijs. We bespreken welk werk bij je past en wat je van de functie kunt verwachten. Zo stap je niet alleen in omdat er een vacature openstaat, maar omdat het werk ook echt bij jou aansluit.Bekijk de actuele vrachtwagenchauffeur vacatures bij Flex-in of neem contact met ons op. Dan bespreken we samen of werken als veetransportchauffeur iets voor jou is.